Relatiebeding bij detachering werknemer en ZZP’er ongeldig?

gepubliceerd door: Jonathan Abraha geplaatst op 25 mei 2021 leestijd

Eerder schreef ik al over gedetacheerde werknemers in de IT die vaak niet aan hun relatiebeding kunnen worden gehouden. Dit is een steeds groter wordend probleem voor detacheerders. Zij worden in procedures betrokken over de geldigheid van het relatiebeding of concurrentiebeding en daaropvolgend zien zij  hun werknemers bij de klant in dienst treden of als ZZP’er aan de slag gaan. Het is dan ook van groot belang dat de detacheerder zich op voorhand goed laat adviseren en geen kostbare fouten maakt bij het opstellen van een relatiebeding.

Inmiddels worden ook steeds meer brokers (tussenpartijen) die IT’ers bij hun klanten plaatsen geconfronteerd met relatiebedingen die niet geldig blijken te zijn.

Hoe zit dit?

De Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (afgekort de WAADI), bevat een belemmeringsverbod in artikel 9a. Het belemmeringsverbod bepaalt, dat de werkgever die een werknemer detacheert, hem niet mag belemmeren om in dienst te treden bij de inlener (de partij waar de werknemer feitelijk werkzaam is). Een concurrentiebeding en een relatiebeding worden aangemerkt als verboden belemmeringen. Als het relatiebeding niet goed is verwoord, dan kan het zelfs zijn geldigheid verliezen ten aanzien van alle relaties van de detacheerder.

Kortom, als de WAADI van toepassing is, dan kan de detacheerder zijn werknemer niet vaak aan het relatiebeding houden.

Wanneer de WAADI?

Voor een succesvol beroep op het belemmeringsverbod uit de WAADI moet aan een aantal voorwaarden zijn voldaan. Zo is het noodzakelijk dat de gedetacheerde werknemer zijn werkzaamheden verricht bij een derde (inlener/opdrachtgever) en dat de werkgever daarvoor een vergoeding ontvangt. Daarnaast is het vereist, dat de werkzaamheden worden verricht onder leiding en toezicht van deze inlener. Dit laatste is in rechtszaken vaak het voornaamste punt van discussie.

Ook voor ZZP’ers

De Hoge Raad heeft in 2017 geoordeeld, dat ook de gedetacheerde werknemer die zijn werkzaamheden wil voortzetten als ZZP’er een beroep kan doen op het belemmeringsverbod. Al moet dan wel per zaak worden beoordeeld, of de beoogde ZZP-constructie voldoet aan een aantal voorwaarden.

In 2020 heeft het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch met zijn arrest de reikwijdte van het belemmeringsverbod nog verder uitgebreid. Het Hof heeft geoordeeld dat een relatiebeding in de overeenkomst van opdracht van een ZZP’er ook in strijd kan zijn met het belemmeringsverbod. In tegenstelling tot de zaak bij de Hoge Raad betrof het hier dus geen werknemer die door het relatiebeding werd gehinderd om als ZZP’er verder te gaan, maar was het van begin af aan een ZZP’er.

Kortom, voor de toepasselijkheid van het belemmeringsverbod (artikel 9a WAADI) is het niet langer noodzakelijk dat het relatiebeding in een arbeidsovereenkomst is opgenomen. Het is derhalve ook voor brokers en tussenpartijen van groot belang dat zij zich laten adviseren over de wijze waarop zij ZZP’ers plaatsen en hoe zij een rechtsgeldig relatiebeding overeen kunnen komen c.q. zij hun business kunnen beschermen.

Vragen over het relatiebeding of het beschermen van uw business?

Heeft u vragen over het beschermen van uw business als detacheerder of broker, het relatiebeding, concurrentiebeding, de WAADI of andere arbeidsrechtelijke zaken? Neem dan contact op met onze arbeidsrecht specialist Jonathan Abraha.